Hoe kan ik EDI-berichten voor verkooporders instellen in Cash Handel?
Stappenplan voor het inrichten en importeren van EDI-orders
Met Electronic Data Interchange (EDI) verstuur je gestandaardiseerde, digitale formulieren rechtstreeks vanuit CASHWeb. Dit zorgt voor een snelle en foutloze communicatie met je ketenpartners. Voor de verkooporders kan CASHWeb automatisch EDI-berichten aanmaken voor pakbonnen, facturen en servicebonnen]. Een gespecialiseerde externe partij (bijvoorbeeld Tie Kinetix of Quantore) verzorgt daarna de vertaling naar de standaard van jouw ontvanger. In dit stappenplan lees je hoe je het EDI-berichtenverkeer en de import van deze verkooporders instelt.
1. Algemene EDI-instellingen vastleggen
- Naar het EDI-scherm navigeren: Ga in het menu naar Diversen > EDI > Instellen EDI berichten.
- Interface kiezen: Vul bij het veld EDI Interface een één in om de koppeling voor verkooporders in te stellen. Andere geldige waarden zijn een twee voor inkooporders of een drie voor servicebonnen.
- Testindicator bepalen: Geef in het veld Testindicator EDI met een nul aan dat het om een officieel bericht gaat, of gebruik een één om een testbericht te versturen.
- EAN check instellen: Bepaal of het systeem het EAN-nummer van je artikelen moet controleren via een uniek controlegetal (de zogeheten check-digit). Vul een twaalf, dertien of veertien in, afhankelijk van het aantal posities van je EAN-code. Vul je een N in, dan vindt er geen controle plaats en is de ingave vrij.
- Mappen voor bestanden opgeven: Vul bij Map EDI-export de map of het netwerkpad in waar CASHWeb de te verzenden bestanden klaarzet. Vul in het veld Map EDI-import de directory in waar het systeem de in te lezen bestanden uit ophaalt.
2. Bedrijfs- en verzendgegevens (GLN en SSCC) invullen
- Global Location Number (GLN) invullen: Het GLN-nummer is een unieke adrescode van dertien posities die het EDI-netwerk gebruikt voor de identificatie. CASHWeb controleert dit nummer altijd met een speciale controleformule. Je kunt dit nummer onder andere vastleggen bij je eigen bedrijfsgegevens, maar ook bij het orderadres, afleveradres of factuuradres van de klant.
- SSCC Bedrijfsnummer invullen: Wil je zendingen traceerbaar maken (bijvoorbeeld met pakketten of pallets)? Vul dan in dit veld de eerste tien posities in van je vaste bedrijfsnummer (de Serial Shipping Container Code).
- SSCC Palletnummer opgeven: Vul in dit veld een startvolgnummer van zeven cijfers in voor je unieke palletnummers. Het systeem verhoogt dit volgnummer vervolgens automatisch bij iedere nieuwe pallet.
- Branchecode invullen: Vul bij Branchcode EDI de code in van drie letters voor jouw sector. Bijvoorbeeld 'LVB' voor levensmiddelen, of 'DHZ' voor doe-het-zelf-bedrijven.
3. Het importeren van EDI-verkooporders
Wanneer de instellingen kloppen, kun je ontvangen EDI-verkooporders gaan inlezen. Deze verkooporders worden aangeboden in een speciaal tekstbestand (een SDF-formaat) met de naam 'ORDERS.sdf'.
- Naar het importscherm navigeren: Ga in het menu naar Diversen > EDI > Import EDI berichten.
- Import parameters opgeven: Zorg ervoor dat het veld Interface op een één (Verkooporders) staat. Vul bij het veld Medewerker in wie de order importeert. Deze naam komt vervolgens in de orderkop te staan.
- Verslag controleren: Bepaal of je bij Actueel verslag met een J (Ja) alleen het allernieuwste importverslag wilt zien, of met een N (Nee) ook het voorgaande verslag.
- Import uitvoeren: Start de import. Let goed op het verslag: bevat een ingelezen EDI-order een artikel dat is geblokkeerd? Dan toont CASHWeb hier direct een waarschuwingsmelding over op het beeldscherm en op het verslag.
Tip van de Helpdesk: Test de EDI-koppeling altijd eerst uitvoerig voordat je live gaat. Gebruik de Testindicator op waarde één. Pas als de externe dienstverlener én de klant akkoord zijn op de berichtstructuur, wijzig je deze naar nul voor officiële productieverzendingen.